“Giving back”

Omdat ik er op dit moment toch tot over m’n oren inzit, een tekstje over m’n thesis hier. Mensen vragen me af en toe waarover ze nu eigenlijk gaat. Tegen velen liet ik al iets vallen, maar het hele verhaal vertellen gebeurt niet vaak. “Over Deaf professionals”, antwoord ik meestal. Maar eigenlijk zegt dat niet genoeg. Eigenlijk gaat het over veel meer dan dat.

Ik heb niet de pretentie te denken dat iedereen er al bij voorbaat in geïnteresseerd is, maar het tientallen keren opnieuw moeten schrijven of uitleggen is ook niet altijd alles. Bovendien vind ik het belangrijk om de informatie te verspreiden (daar dient dit weblog tenslotte voor) zodat mensen een beeld krijgen van waar we hier in Bristol zo allemaal mee bezig zijn —nee, Deaf Studies is niet enkel linguïstiek en onderzoek naar onderwijs en taalverwerving bij dove kinderen.

Hier dus —heel kort en bondig— waarover m’n thesis nu eigenlijk helemaal gaat. In het Nederlands. Raar om dat te doen, ik ben zo gewoon om het uit te leggen in BSL of Engels, dat ik in het Nederlands soms de woorden niet vind. Op de WereldDovenDag vertel ik alles in VGT.

Anyway.

Ik bouw voort op het onderzoek van Paddy. Dat onderzoek is enorm breed en nog lang niet afgerond (een tweede deel is in de maak), maar ik heb er zijn analyse van de diversiteit binnen de Britse Dovengemeenschap uitgekozen. Dat is één van de punten waarvan hij zelf van mening is dat er nog verder onderzoek voor nodig is. Eigenlijk kan je m’n onderzoek dus beschrijven als Deaf sociology.

Tijdens de Deaf Resurgence in de UK (in de jaren zeventig) ontstond er een nieuwe klasse binnen de Britse Dovengemeenschap: de Deaf professionals. Die klasse kon ontstaan omdat BSL meer en meer onder de aandacht kwam, onder andere in de media (See Hear is daar een voorbeeld van), maar ook in het toenemend onderzoek aan universiteiten, en in het onderwijs. Eigenlijk was het (nog) niet echt een klasse, maar eerder een statusgroep. ‘Klasse’ is immers nauwer verbonden met financiële status, en die van de Deaf professionals toen was niet echt om over naar huis te schrijven, ze verdienden vaak schandelijk weinig voor het werk dat ze deden. Wel hadden ze binnen de Dovengemeenschap een aparte ‘status’. Die Dove professionals waren allen BSL-gebruikers, velen van hen met Dove ouders. Voor de Dovengemeenschap (toen nog grotendeels laaggeschoold) was dat een hele stap, Dove BSL-gebruikers die plots een professionele functie verwierven. Hoewel de horende wereld die functies niet echt als professioneel beschouwde, was het binnen de Dovengemeenschap een hele verandering. Het zorgde ook voor veel spanning binnen de gemeenschap (de jammer genoeg bekende crab theory is daar een voorbeeld van). Er ontstonden gebaren als ‘GRASS-ROOTS’ en ‘GRASS-ROOTS-OUT’ waarmee de gemeenschap het onderscheid wilde aanduiden tussen “wij” en “de professionals”. Binnen een collectieve gemeenschap als de Dovengemeenschap, werd van deze professionals bovendien verwacht dat zij hun status gebruikten ter verbetering van de situatie van hun gemeenschap, en niet enkel voor hun eigen doel, wat voor extra druk zorgde.

Die generatie Deaf professionals is nu rond de vijftig, en ik interviewde enkele van hen. Om hen onder meer te vragen naar hun relatie met de Dovengemeenschap, en naar hun status als “professional” en hoe ze zich daarbij voelen. Een rode draad door het verhaal is “giving back”: ze hebben stuk voor stuk, naast hun job, nog andere —al dan niet vrijwillige— functies, omdat ze vinden dat het hun verantwoordelijkheid is om iets terug te doen voor de Dovengemeenschap. Om hun kennis en informatie te delen. Maar het gaat ook over wat “professional” nu eigenlijk betekent, of dit concept iets anders betekent in de Dovengemeenschap dan in de horende wereld, en hoe de betekenis van “professional” in de Dovengemeenschap geëvolueerd is, want de betekenis blijkt niet meer dezelfde als die van pakweg 30 jaar geleden. Een ander belangrijk thema is de betekenis van kwalificaties en diploma’s. Daarvan blijkt de waarde in de Dovengemeenschap en de horende wereld omgekeerd evenredig. Dit alles vergelijk ik in m’n literatuuroverzicht met de zwarte gemeenschap, ook een minderheidsgroep die met net hetzelfde te maken heeft gehad.

De deadline: eind september. Het is nog niet af, dus er zal wat werk mee naar België moeten.

Als ik hier binnen een jaar (of twee) terugkom, zou ik het geheel willen uitbreiden, en Deaf professionals willen bevragen in heel Engeland, maar ook de visie van de Dovengemeenschap willen te weten komen. En de mate waarin de generatie van jonge professionals (die nu eind twintig, begin dertig, is) verschilt van de oudere generatie. Iets waarvoor ik nu geen tijd had.

Abstract in het Engels (voor de Supporting Deaf People Online conference in november) is hier te lezen.

6 Responses to ““Giving back””

  1. Sven Says:

    Deaf Professionals, is dat het equivalent van, wat wij noemen, de “Deaf Elite” ?
    En hoe gebaar je eigenlijk [grassroots] ?

  2. Sven Says:

    Online conference… pfft, sorry, maar ik voel er niks voor om het allemaal online te laten gebeuren. Liever neem ik een duur vliegtuig om van de koffiepauze te profiteren (nee, t is ni de koffie, dan wel het gezelschap).
    Ook de technologie van het internet lijkt me er nog niet echt klaar voor. De hele tijd op ongemakkelijke stoel naar je scherm staren met een ver’pixel’d beeld…

    Afin maartje, sorry dat ik dit stukje in mineur begon, ik vind het alvast heel erg geweldig dat jij aan deze conference meedoet en wens je van harte proficiat!

    Maar wat vinden jullie dus van zo’n online conference?

  3. iThought Says:

    Maartje,
    na deze hersen- en typtranspiratie zal deze grote eindspurt wel gauw vergeten zijn. Het is immers een boeiend thema, waar je zeker nog jaren in kunt vastbijten.
    s7en, vorig jaar tekende ik in voor die online conference. Ik vond het nogal overdonderend van het aantal teksten en reacties (in geschreven Engels). Je moet die dingen goed bijhouden en inderdaad word je er pixeldizzy van. Er is op die online conference wel de mogelijkheid om lezingen of reacties in een gebarentaal met videobeelden erop te plaatsen en ze moedigen dat ook woordelijk aan (hoe ironisch), maar dat wordt dus nauwelijks gedaan. Het platform is er niet echt “uitnodigend” voor, alsook blijft zo’n conference “a hearing thing”. Doven nemen inderdaad liever dat duur of minder duur vliegtuig, is mijn ervaring, als observerende horende ;-). En elkaar echt ontmoeten, echt kunnen bij”praten” en tot ‘s avonds laat in de bar hangen heeft toch ook wat. Een conference is er in mijn gevoel immers niet enkel voor de inhoud van de lezingen. Toch heb ik op dat online conference ook wel contacten gelegd (schriftelijk/mail) met enkele mensen (je kan makkelijk contact opnemen met de anderen, schriftelijk enkel dacht ik), maar dat is natuurlijk niet te vergelijken.
    Geef mij deze zomer maar een goeie WFD!!! :-)

  4. Maartje Says:

    @ Sven: of Deaf professionals het equivalent zijn van wat wij de “Deaf Elite” noemen, goh, dan moet je je natuurlijk ook eerst afvragen wie “wij” zijn en hoe je “elite” definieert. Net één van de dingen die ik in m’n thesis probeer te verduidelijken. En ik denk dat de situatie in de UK ook verschilt van die van Vlaanderen. Ik stel voor dat ik je een exemplaar opstuur als alles af is, dan kan je het met eigen ogen lezen en evalueren. Ok? :-)

    En hoe je GRASS-ROOTS gebaart: als je Paddy’ boek hebt, kijk op p. 185. En anders toon ik het je wel eens!

    Wat betreft de online-conferentie: ik ben daar zelf ook niet echt voor te vinden en ik verkies ook “live” conferenties, maar ik dacht “waarom niet?”. Gewoon gedaan.

  5. Katrien Says:

    Zeer interessant! Dankjewel voor dit ‘uit de doeken doen’. Ik kijk er alvast naar uit om met jou over dit topic en nog zoveel andere zaken te gebaren het komende jaar! :-) Tot heel gauw!

  6. Bart Says:

    Krijg ik ook een kopie van dat eindwerk? :-)
    (oh ja, wanneer mag ik je boeken als gastspreker in mijn les, over het thema Deaf Subaltern? Het exacte thema bespreken we later nog wel)

Leave a Reply