Understanding Harry Potter
Harry Potter? Wat heeft die met Deaf Studies te maken?
Wel, veel meer dan je op het eerste zicht zou denken.
De boeken van J.K. Rowling zijn al vaak aan analyses allerhande onderworpen, maar een Deaf Studies-perspectief blijkt nieuwe inzichten op te leveren. Czubek en Greenwald bekijken in hun recent artikel in het Journal of Deaf Studies and Deaf Education de wereld van Harry Potter door een Dove bril, en komen daardoor tot opmerkelijke parallellen. Het is onmogelijk om deze hier allemaal te beschrijven, maar ik pik er enkele interessante uit.
- Het feit dat 95% van de dove kinderen horende ouders heeft, maakt de Dovenwereld uniek ten opzicht van andere minderheden. Dit creëert een situatie waarin ouders en kinderen niet dezelfde taal en cultuur delen. Horende ouders hebben in de meeste gevallen nog nooit contact gehad met Doven. In de wereld van Harry Potter krijgen ouders die geen toverkracht hebben “toverkinderen”, maar er zijn ook “toverouders” die kinderen krijgen zonder toverkracht. Zowel in de Dovenwereld als in die van Harry Potter, verschillen ouders en kinderen dus vaak in significante opzichten van elkaar.
- Dove kinderen van horende ouders krijgen nog dikwijls —door onwetendheid of door bewuste intenties van de ouders— geen kans om in contact te komen met de Dovenwereld. Vaak wordt hen ook alle informatie daarover onthouden. Daardoor zijn er nog steeds dove kinderen die denken dat ze later horend zullen worden, omdat ze nog nooit een Dove volwassene hebben gezien. Ook Harry Potter groeit op zonder enig idee van de “magische wereld” en zonder enig idee wie hij werkelijk is. Harry’s pleegouders Tante Petunia en Nonkel Harry vertellen hem niets over zijn biologische “toverouders”.
- Ook de “normaliseringsgedachte” is een steeds terugkerend thema in Rowlings boeken. Doven worden nog vaak geconfronteerd met de pathologische visie dat ze gehandicapt zijn en “normaal” zouden moeten worden (bijvoorbeeld door een CI). Op net dezelfde manier proberen Harry’s pleegouders hem te maken tot iemand die hij niet is of wil zijn.
- Toverkinderen worden opgeleid in Hogwarts, de school voor tovenarij. Harry’s pleegouders zien hem niet graag naar Hogwarts vertrekken, omdat de school tovenarij stimuleert, alsook relaties tussen toverkinderen. Ook horende ouders hebben vaak angst om hun kinderen “kwijt te raken” aan de Dovenwereld (terwijl voor de Dovengemeenschap de dovenscholen net een speciale waarde hebben —om tal van redenen).
- Net zoals op een dovenschool de dove kinderen van horende ouders veel leren van Dove kinderen van Dove ouders (taal, cultuur, omgangsregels, …) leert ook Harry veel van de Weasleys, de toverfamilie van zijn beste vriend Ron.
- In de wereld van Harry Potter zijn er ook toverouders met kinderen die geen toverkracht hebben. Deze groep komt echter enkel maar voor in het eerste en het vijfde boek, wat overeenkomt met de nog relatief weinig aandacht voor CODA’s (Children of Deaf Adults).
- Onderwezen worden door andere tovenaars, heeft voor de leerlingen in Hogwarts een speciale waarde, net zoals Dove leerkrachten voor dove kinderen rolmodellen zijn.
- Een laatste interessante parallel is de volgende: ondanks de vele problemen met de “gewone” wereld, komt de grootste bedreiging voor tovenaars vanuit de toverwereld zelf (in de vorm van Lord Voldemort). Voldemort creëert door zijn pogingen om de toverwereld te vrijwaren van invloeden uit de “gewone” wereld, angst, paranoïa en verdeeldheid. Hier is een duidelijke parallel te zien met de (helaas) bekende “crab theory”. Deze theorie stelt dat minderheden leden van de eigen groep die succes hebben en/of vooruit willen komen in het leven, op tal van manieren proberen tegen te werken (net zoals krabben in een mand — als één krab probeert eruit te kruipen, wordt hij door de anderen weer naar beneden gehaald).
De auteurs geven tot slot nog aan dat dit soort analyses een belangrijke rol kunnen spelen in het dovenonderwijs. Door de link die ze kunnen leggen met hun eigen cultuur, leren dove kinderen literatuur appreciëren.
Volledige referentie van het artikel: Czubek, T.A. & Greenwald, J. (2005). Understanding Harry Potter: Parallels to the Deaf World. Journal of Deaf Studies and Deaf Education, 10:4, 442-450.
October 22nd, 2005 at 6:34 am
Wat een prachtige vergelijking! Ik ben een van die mensen die niet weet wat Dovenstudies zijn, maar dit lijkt een mooi voorbeeld?
October 24th, 2005 at 4:40 am
Maartje, heeeel interessante vergelijking.. Het interessantste vind ik dat van die ‘crab theory’. Heb je hier toevallig een literatuurverwijzing van want ik wil het gebruiken in een paper over Doven als ‘border people’… Ik zag in dat opzicht al een vergelijking met de Afrikaanse slavernij, die alleen maar zo sterk kon worden omdat er zwarte Afrikanen waren die de slaven ronselden… Net zoals de oralistische ideeën bij doven zélf (de “orale doven” dus) de Dovenwereld verzwakken.
November 17th, 2005 at 5:28 am
Ik moet dringend Harry Potter zien! Kan je het geloven, ik heb er nog niet eens een fragment van gezien/gelezen…
Shame on me!
Krabtheorie; hmm daar had ik nog niet van gehoord. Maar ik betwijfel het wel want kan je het niet van meerdere hoeken bekijken?
Stel dat een dove succes heeft en daarin opgaat, trekken de doven hem weer terug.
en
Stel dat een dove succes heeft en daarbij de andere doven niet vergeet mee te laten profiteren van zijn succes, wordt ie dan nog teruggetrokken?
En wat als de dove succes heeft in het verbeteren van de status van de dovenwereld?
Ik weet het dus niet…