Deafhood cursus I

June 20th, 2010

IMG_0071

Vandaag werden de inschrijvingen voor de tweede Deafhoodcursus geopend, samen met een mooie reportage met indrukken uit de eerste Deafhoodcursus, waarvan nu vrijdag de laatste les doorgaat. Als het net zo gaat als vorig jaar, zit de cursus waarschijnlijk weer op één week tijd vol, en is er zelfs een wachtlijst. Dat toont nog maar eens aan dat de nood aan dit soort cursussen heel groot is.

Ik werk ondertussen niet meer voor Fevlado-Diversus, maar ik heb van in het begin de grote lijnen voor de cursus mee uitgestippeld en gaf ook een aantal lessen zelf, samen met Annelies (wij zien er in die reportage trouwens precies uit als een tweeling, met die bloesjes en identieke zwarte golfjes). Ik heb elke les gezien, heb de cursisten zien veranderen. Dat alleen al was fantastisch om mee te maken.

Er blijven mij heel wat dingen bij van de cursus en ik ben van plan om die binnenkort op te schrijven in een tekst samen met interviews met enkele cursisten over wat de cursus voor hen betekend heeft, maar hier al twee dingen die ik niet snel meer vergeet.

- Net aan het begin van de eerste les kwam één van de oudere deelnemers mij vragen waar de horende lesgevers en de tolken waren. Ik zei: “die zijn er niet, we zijn hier allemaal doof inclusief de lesgevers”. Dat kon ze niet makkelijk geloven. Dove lesgevers? Eén van de krachtigste dingen van de cursus was dan ook: dove mensen die dove mensen lesgeven. Het is niet makkelijk om de kracht te beschrijven die daarvan uitgaat. Maar ze is aanwezig op een heel indrukwekkende manier.
- Tijdens de les VGT vroeg de docent aan de groep (op dat moment 20 mensen aanwezig tussen de 20 en de 55 jaar, ongeveer) wie van hen reeds van toen ze een baby waren of reeds heel vroeg, VGT aangeboden kregen. Buiten de ene deelnemer met dove ouders stak niemand zijn hand op. En wat me het meest shockeerde was dat iedereen dat normaal leek te vinden! Iedereen heeft voor VGT moeten vechten, het was voor niemand een recht. De oudere generatie had het geluk op een dovenschool terecht te komen waar ze op de speelplaats VGT konden meepikken (en zelfs dat niet altijd want de “gebarenmakers” werden vaak afgezonderd van de “orale kinderen”). De jongere generatie ging vaak naar een horende school en van hen werd (nog steeds) gedacht dat ze blijkbaar VGT wel “vanzelf” zouden leren. Niet dus.

Opvallend hoeveel verhalen dezelfde zijn en blijven, ongeacht iemands leeftijd. Twee generaties die bijna allemaal zijn opgegroeid zonder VGT – met alle gevolgen vandien. De meeste dovenscholen lijken er jammer genoeg geen les uit geleerd te hebben en de toekomst belooft niet veel goeds, met 80% van de dove kinderen die reeds vroeg geïmplanteerd worden.

Maar om met een positieve noot te eindigen: de cursus is geslaagd in die zin dat de cursisten dit nu beseffen, dat ze hun eigen leven en wat daarin gebeurt (en niet) kunnen begrijpen, dat kunnen plaatsen in een groter kader. Door het verleden te begrijpen, beter kunnen omgaan met wat er nu gebeurt, en de toekomst kunnen veranderen in positieve zin. Ik ben benieuwd.

Ownership

May 31st, 2010

Impasse

May 12th, 2010

impasse

Heel mooi werk van de Frontrunners, hier te bekijken.

Gebaseerd op een andere Impasse.

Verkiezingsspecial

May 7th, 2010

Dit is wat wij ook nodig hebben voor de verkiezingen, zoals ze in Engeland hebben gedaan: verkiezingsinfo op een Dove manier, in BSL.

“… walks us through the maze of Brussel-Halle-Vilvoorde and the Belgian federal elections”

Iemand?

Check ook deze.

De British Sign Language Broadcasting Trust heeft trouwens nog veel meer om te bekijken!

4 jaar erkenning VGT: the movie

April 29th, 2010

4 jaar erkenning van de Vlaamse Gebarentaal: De Show from Signfuse on Vimeo.

Vier jaar erkenning VGT: de show

April 26th, 2010

Gewérkt hebben we aan die film. Bloed, zweet en tranen, en dat mag u bijna letterlijk nemen. Het idee was om een opleiding te organiseren voor dove vertalers en presentatoren. Omdat ik -vooral geïnspireerd door Engeland en Scandinavië- zag dat we hier veel meer en beter konden dan wat we deden. Het werd een opleiding die resulteerde in deze film.

De film is opgenomen op één weekend tijd, wat op zich een prestatie van jewelste is. Zeker gezien het een opleiding was, en iedereen als oefening élke take moest doen (later hebben Sven en ik dan beslist wie er uiteindelijk in welk deel zou terecht komen). Als producer moest ik ervoor zorgen dat alles binnen de tijd opgenomen was. Dat betekent mensen opjagen, opjagen, en nog eens opjagen. Tot ik bijna genoeg kreeg van mezelf. Ik jaag niet graag mensen op. Clive Mason was als regisseur bijzonder professioneel en zei ons steeds “time is money”: als de film zondagavond niet af is, hebben we een probleem. In de laatste uren moest ik streng zijn: doorwerken, doorwerken, en mensen maar één take gunnen. Dat was even slikken. Maar iedereen bleef goedgezind en gemotiveerd. We waren een goed team.

De ontlading was dan ook heel groot toen zondagavond alles toch opgenomen bleek te zijn. Even was er paniek omdat we dachten dat een bepaald deel niet scherp opgenomen was, maar dat bleek nadien vals alarm te zijn. Gelukkig.

Daarna was het twee maanden spannend wachten terwijl ik met Sven (de zaakvoerder van SignFuse) lange uren (en Sven alleen nog véél langer) voor zijn gigantische Apple-pc zat om de hele boel in elkaar te steken. Het was een fijne samenwerking, waar ik ook veel van geleerd heb.

Vandaag, met de vierde verjaardag van de erkenning van VGT, werd deze film verspreid. We mogen er trots op zijn. Eén dove persoon kwam mij vandaag bijna in tranen vertellen dat hij zo genoten had van de film, dat hij er kippenvel van kreeg. Ook de andere reacties waren heel positief, en op facebook is de film een hit.

De film is niet alleen leuk om naar te kijken, hij is ook politiek belangrijk. Eén dove persoon kwam mij vandaag vragen wat Serge Vlerick daar deed naast die man van het ministerie van Cultuur, die iets vertelde in gesproken Nederlands. “Serge tolkt”, antwoordde ik. “Maar hoe kan dat dan??”, was de reactie, “hoe kan die nu horen wat er gezegd wordt?” Niet horen, maar zien. Via de autocue.
Een andere, jongere dove persoon had onmiddellijk begrepen wat de bedoeling was, maar zei dat hij zo genoot van die dove tolk. Dat het zo natuurlijk voelde, zo gewoon, zo makkelijk om te begrijpen.
Dove mensen kunnen dus tolkwerk doen in de media (ook op televisie), via een autocue en als het live is via het spiegeltolken van een horende tolk (die buiten beeld blijft). Die mentaliteitsverandering is vandaag, met de verspreiding van de film, in gang gezet. En dat is iets wat Fevlado met de film ook wou bereiken: dove tolken in de media, en samenwerking tussen dove en horende tolken.

Mijn grote dank aan iedereen die meegewerkt heeft om deze film te realiseren en … VGT leeft!!

Film te bekijken op www.fevlado.be en weldra ook op YouTube.

Naamgebaar voor president Obama

January 23rd, 2009

Dit filmpje dook op op 20 januari, de dag van de eedaflegging van Obama. Het meisje in de film feliciteert Obama en toont hem zijn naamgebaar.

Je moet zeker eens de vele commentaren lezen onder het filmpje, die zijn nog het interessants van al. Onmiddellijk toen ze het filmpje postte, kreeg ze al kritiek over zich heen dat ze niet de hele Dovengemeenschap vertegenwoordigt en enkel het naamgebaar toont zoals dat gebruikt wordt in Gallaudet (en dan nog overwegend door de blanke studenten want de zwarte studenten gebruiken blijkbaar een licht verschillende variant). Een andere persoon wierp op “sorry je bent tolk en je kan als tolk geen naamgebaren voorstellen, ik ben ‘native deaf’ van een dove familie, gebaar vloeiend ASL en vind het geen goed naamgebaar”. Waarop zij, droog: “Ik ben een Dove tolk”.

Bleek dat ze op Gallaudet de opdracht had gekregen om een filmpje te maken om formeel ASL-gebruik te oefenen, een brief gebaren dus. En toevallig koos zij dat thema. Het kwam misschien zo over, maar het was niet haar bedoeling het naamgebaar op te leggen. Er blijken trouwens nog andere naamgebaren gebruikt te worden in Rochester en in andere regio’s.

Ik heb ervan gesmuld, van die commentaren. Ondertussen zijn ze afgesloten, ik denk dat ze er genoeg van had (moet er hier wel bijzeggen dat er ook mensen waren die positieve commentaar gaven, gelukkig!)

In ieder geval: yes we can, en mag hij het goed doen de komende 4 (hopelijk 8) jaar.

Speakerbox

December 22nd, 2008

Signmark goes Eurovision!

Het Eurovisie songfestival heeft de dove hip hop artist Signmark uitgenodigd om deel te nemen aan het Eurovisie songfestival van 2009. Dit zou de eerste keer kunnen zijn dat een dove artiest deelneemt aan de jaarlijkse wedstrijd.

De Finse preselecties zullen plaatsvinden in Tampere, op 23 januari. Daar moet Signmark het opnemen tegen drie andere Finse deelnemers. Kijkers kunnen stemmen, en de twee artiesten die de meeste stemmen halen gaan verder naar de finale.

Afgelopen weekend werd de video gelanceerd van Speakerbox, de song waarmee Signmark deelneemt. Je kan ‘m hier bekijken. De Engelse tekst vind je hier.

Ik doof? Ja, nu je het zegt…

December 15th, 2008

Ik ben doof en wie mij kent, weet dat ik dat niet zie als een handicap. Ik ben doof, net zoals sommige lezers van dit blog horend zijn. Voor mij is dat bovenal een identiteit, een manier van leven ook. Een manier van in de wereld staan. Maar zeker geen handicap, of een beperking, of welk woord u er ook op wil plakken.

Het is een identiteit die zeker voor een deel wel bepaald wordt door een biologisch gegeven, namelijk: niet horen. Onlangs realiseerde ik me dat ik eigenlijk nooit besef dat ik doof ben, in de biologische zin van het woord, i.e. dat ik niet hoor. Mijn vader werkt voor de organisatie Koor & Stem, en organiseert daarvoor om de twee jaar een grote manifestatie, Koor van het Jaar. Ik had dat nog nooit meegemaakt, maar wou toch eens gaan, vooral om eens te zien waarmee mijn vader bezig is, en hem een plezier te doen, te steunen. De voorstelling zelf was voor mij niet zo boeiend natuurlijk (al zijn koren gelukkig niet meer wat ze waren en doen ze af en toe ook iets visueels!). Tijdens het laatste nummer zat ik als een klein kind op mijn stoel heen en weer te draaien en aan het programmaboekje te frommelen. Maar achteraf besefte ik: “he, dit is één van de momenten waarop ik besef dat ik niet hoor.” Raar, omdat ik al een paar jaar geen hoorapparaten draag en echt nul komma nul niks hoor, ik ben volledig doof. En toch, ik sta daar eigenlijk nooit bij stil dat ik niet hoor. Althans niet bewust. Het is wel zo dat ik werk binnen de Dovengemeenschap (een bewuste keuze), en dat ook in mijn privé-situatie mijn contacten bijna allemaal verlopen in gebarentaal. Ik word op mijn werk bijvoorbeeld (in tegenstelling tot veel andere doven) vrijwel nooit geconfronteerd met situaties waarin ik besef “he, ik hoor niet”. Als ik vergader samen met niet-gebarentalige horenden, of les moet geven aan niet-gebarentalige horenden (twee situaties die vaak voorkomen), dan schakel ik een tolk in. Niet alleen voor mij, ook voor hen.

Zo heel af en toe zijn er dan momenten dat ik wel besef dat ik niet hoor (zoals tijdens het kooroptreden van hierboven, of als ik treinproblemen heb zoals in het vorige stukje), maar dat gebeurt echt zelden en dat ben ik vijf minuten later alweer vergeten. Ik vind dat boeiend, zeker omdat horende mensen vaak denken dat wij in een “stille wereld” leven. Maar ik besef het gewoon niet. “Ah ja, da’s waar, ik hoor niet”, denk ik soms. Ik zou het bijna vergeten. (De wereld is niet stil trouwens. De wereld maakt geluid -soms veel lawaai- door wat ik zie en wat er beweegt.)

Waar ik mij wel altijd bewust van ben, is dat ik doof ben, in de culturele zin van het woord (Doof met een hoofdletter, zoals soms geschreven wordt). In de zin van identiteit, dus. Mijn vriend is horend, dus ik heb zelf een “interculturele relatie”, zoals je dat zou kunnen zeggen. Ik had het er onlangs over met een Deense vriendin (sterk cultureel doof) die ook samen is met een horende man. “Hij ziet mij graag om wie ik ben”, zei ze, “niet omdat ik doof ben. Voor hem ben ik wie ik ben, en toevallig ook doof. Maar ik besef wel 24u op 24 dat ik doof bent, hij beseft niet 24u op 24 dat hij horend is. Het is maar door met mij samen te zijn, dat hij ook die identiteit ‘horend’ heeft gekregen. Maar hij draagt die niet op dezelfde manier als ik.”

De auteur Dirksen Bauman schreef eerder al eens in een artikel dat hij er vroeger nooit bij stilgestaan had dat hij “horend” was, maar dat hij maar door met doven om te gaan, en in Gallaudet te gaan werken, besefte dat hij horend was, omdat hij dat label kreeg: “horend”. Of het echt een identiteit is, weet ik niet, volgens mij is het eerder een label of iets dergelijks. Ik denk niet dat horende mensen hun identiteit verlenen aan het feit dat ze horend zijn (terwijl doven wel -een kleiner of groter deel van- hun identiteit verlenen aan het feit dat ze doof zijn, omdat we een minderheidsgroep zijn). Misschien is het wel een identiteit voor sommige horende mensen die samenzijn met een dove persoon, of voor CODA’s. Of voor andere horende mensen die intensief contact hebben met doven. En misschien hebben ze die identiteit enkel in de dovenwereld, maar daarbuiten niet. Terwijl dove mensen die identiteit altijd en overal meenemen, het intrinsiek deel uitmaakt van wie we zijn en wat we doen, en hoe we het doen.

Boeiend vind ik dat.

In de reeks “van die dagen dat ik wel eens horend zou willen zijn”, deel 1

December 15th, 2008

Vandaag rond de middag werd er in Gent Sint Pieters toevallig een bom ontdekt uit WOII. Heel het station een paar uur ontruimd, de ontmijningsdienst gekomen, de hele rimram. Toen ik rond vier uur aankwam in het station mocht iedereen al terug binnen maar was het treinverkeer natuurlijk grondig verstoord. Ik kon toch nog snel een trein naar Antwerpen nemen, althans dat dacht ik. Alles leek goed te gaan, tot het volgende station na Sint-Niklaas opnieuw Lokeren bleek te zijn. We waren dus gewoon teruggekeerd richting Gent. Ik vond het al raar dat er zoveel mensen afstapten in Sint-Niklaas, maar alles was toch al vreemd vandaag dus dat was wel niks dacht ik. Maar blijkbaar was er dus iets omgeroepen.

Om half zes terug aangekomen in Gent, waar ik anderhalf uur eerder vertrokken was. Nu zit ik op een trein die hopelijk tot Antwerpen rijdt. Ik vroeg daarnet aan de conducteur of deze zeker doorrijdt tot Antwerpen. Antwoord: “normaal gezien wel ja”.

Peace.